Column: even voorstellen

Header Maartje 001

Beste Oosterhouters,

Het is een eer dat mij gevraagd is columns te schrijven voor jullie ‘kei-gezellige’ opiniesite van Oosterhout: Ook van Wosterhout?
Laten we beginnen met een voorstelrondje. Ik ben Maartje, 20 jaar en ik ben studente Maatschappelijk Werk en Dienstverlening bij Avans Hogeschool te Breda. Ik woon in het gezellige Princenhage; een zeer solidaire, aangename wijk in Breda, die zich liever als onafhankelijk dorpje ziet, vanwege een dorpse geschiedenis. Heel schattig, maar het blijft Breda.
Breda is niet ver van Oosterhout en is gemakkelijk te bereiken per auto, maar als je daar niet over beschikt (kies mij!) dan ben je prima gered door de Arriva-bussen; lijn 325, 326 en 327.
Ik zou graag deze column willen vervolgen met het hebben over de impliciete vraag in de betitelde opiniesite van Oosterhout, namelijk; Ook van Wosterhout? Het is duidelijk dat ik momenteel niet in Oosterhout woon, maar of ik daar vandaan kom is dan nog niet uit mijn verhaal te herleiden. Wat denkt u? Een echte Bredase? Ik durf het bijna niet te vertellen, maar als je denkt dat dat het wel zal zijn, ben je niet eens in de buurt!
Mijn naam hoor je met een bekakte ‘R’ uit te spreken en het woordje ‘kei’ wordt in mijn stad van herkomst heel anders geïnterpreteerd. Onze stad staat bekend om de zwerfkeien die zijn gestrand tijdens de ijstijd en we worden hier dan ook zeer door bewonderd! Voor een paar geografie-geïnteresseerde lezers is dit een fijn raadsel. Voor de gemiddelde Nederlander is dit een ‘waar hééft ze het over!’ verhaal. Dus laat ik jullie maar gauw vertellen over welke stad – nog wel in Nederland te vinden – ik het heb.
Ik kom uit de mooie, historische stad Amersfoort en ben er geboren en getogen. Ik woonde daar in het wijkje Schothorst met mijn ouders en twee broertjes tot vorig jaar juni. Snel berekend, woon ik dus al bijna een jaar op mezelf in Breda. Amersfoort is een mooie stad, zoals ik al eerder vermeldde. Het mooie aan de stad, komt vooral door de zichtbare historie die in de stad is gebleven: we hebben een prachtige koppelpoort, waar je onder door fietst als je de stad wil binnen rijden, we hebben veel grachten door de hele stad, er staat een prachtige toren die de naam ‘Onze Lieve Vrouwe’ draagt en er zijn in de lange winkelstraten pittoreske huizen te zien. Ja, je mag best zeggen dat Amersfoort een schilderachtig stadje is. Nu hoor ik jullie bijna denken: maar wat heeft die Amersfoortse indringer dan te maken met ons Wosterhout?
Nou, dat zal ik jullie vertellen!
Acht jaar geleden vond mijn vader een folder van een georganiseerde familieweek in de St. Paulus Abdij te Oosterhout en hij was meteen geïnteresseerd. We kwamen van de snelweg af en van daaruit kwamen we gelijk op de Kloosterdreef terecht en zo zagen we niet veel van de stad. Maar dit was nog het begin, want toen bleek dat ik het ook ontzettend naar mijn zin had in de St. Paulus Abdij, ging ik daar steeds vaker zelfstandig heen. En ik was 12 à 13 jaar; alleen in de abdij blijven was not done. Ik kwam bij een tienergroep en zo ontmoette ik échte Oosterhouters. Ze namen me mee naar de stad, showde mij de Basiliek, trokken me mee naar de ViaVia en uiteindelijk belandden we in de Beurs. Misschien dat het aan de vriendengroep lag; ik was meteen verliefd op Oosterhout. Ik voelde me er zo thuis! En stel dat het alleen aan de vriendengroep lag, dan was het nog een ode aan Oosterhout, want zij zíjn Oosterhouts.artikel maartje 002
Voordat jullie een tissue pakken omdat dit verhaal toch wel erg aandoenlijk wordt, zal ik gauw een sprongetje maken naar acht jaar verder, nu ik 20 jaar ben. En ik zal jullie vertellen dat de vriendengroep nog altijd bestaat. We bezoeken nog steeds de St. Paulus Abdij, maar de Beurs is daar onmisbaar aan verbonden. Door de Beurs (dus indirect door Oosterhout) ben ik zeer gaan houden van speciaal bier. Vooral Liefmans Goudenband en Tripel Karmeliet zijn mijn favorieten.
En zal ik nu iets heel dieps opmerken? Niet de omgeving maakt de sfeer, maar de mensen! Als alles er perfect uitziet, maar de mensen zijn flut, dan kan heel die ‘poespas’ je geen drol schelen. Maar als je in een oud doch knus café terecht komt, wat in eerste instantie misschien muffig oogt, maar waar er ‘kei-gezellige’ vlotte Oosterhouters de ruimte vergezellen, dan krijgt het betekenis voor je.
Zo ben ik ‘besmet’ met het Oosterhoutse virus en zal ik je vertellen dat ik al mijn Amersfoortse vrienden vertel dat ik daar ‘later’ wil wonen. Ik heb me nog nooit zo thuis gevoeld in een stad, wat eigenlijk eerder een dorpje is met zulk sociaal volk en een warme sfeer met een zachte ‘G’.
Ik ben zelfs zo besmet door dat virus, dat ik, al twee jaar en één week, verkering heb met een échte Oosterhouter! Hoe vin’ u die?
Beter een zachte ‘G’ dan een bekakte ‘R’. Dat maakte de keuze voor Oosterhout als lievelingsstad nóg makkelijker!

Elke maand schrijft Maartje over de onderwerpen die in haar op komen en haar belevenissen als Amersfoortse in Oosterhout.

Roland

Een jonge schrijver, presentator en fotograaf vol passie voor journalistiek, onze stad en nieuws.

Eén gedachte over “Column: even voorstellen

  • 15 mei 2015 om 13:18
    Permalink

    Maartje!

    Dit talent heb je dus 8 jaar lang voor me verborgen gehouden?! Schandalig dat één van je eerste Oosterhoutse vriendinnen, die je zelfs in haar grote goedheid heeft geadopteerd als zus en het hele bovenstaande proces met veel toewijding altijd heeft gevolgd nooit geweten heeft dat jij zo achterlijk goed kan schrijven!
    Je hoort nog van me!

    Verontwaardigde kus,

    Anne

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *